Overslaan naar inhoud

▸ ANTWOORDEN OP UW VRAGEN

Veelgestelde vragen

Praktische antwoorden over de Verhoogde Thematische Aftrek (VTA / VIAF), onze werkwijze en wat u kunt verwachten van een dossier.

Diepgaande onderwerpen

Vier thema's die we vaak in detail moeten toelichten — voor het overzicht aan vragen daaronder.

Wanneer levert VEKA het attest af? En wat doen we tot dan?

Aanvragen kan al, attesten volgen later — en wat dat betekent voor uw aangifte.

VEKA neemt aanvragen al aan, maar kan pas attesten afleveren wanneer het samenwerkingsakkoord tussen de federale overheid en de gewesten in werking treedt. Dat akkoord is ondertekend, maar nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Een datum voor de eerste attesten is er nog niet.

Intussen regelt het koninklijk besluit van 16 juni 2026 de aangifte. Voor investeringen uit 2025 en 2026 mag de aangifte zonder attest gebeuren, op voorwaarde dat de onderneming twee dingen kan voorleggen: de documenten die aantonen dat de investering op de energielijst past (de energiestudie en het ingevulde VEKA-sjabloon), en het bewijs dat de aanvraag bij VEKA ingediend is. Dien de aanvraag daarom in vóór uw boekhouder de aangifte indient, en bewaar de bevestiging van VEKA.

Bij elk dossier leveren wij standaard een overbruggingsdocument mee: een technische bevestiging van onze ingenieur, gericht aan uw accountant, die de bewijsstukken samenvat. Het vervangt de aanvraag bij VEKA niet. De fiscale verwerking blijft de beslissing van uw accountant. Geen aparte kost.

Is er een deadline van 30 juni voor mijn VTA-aanvraag?

Niet meer: de regels werden in juni 2026 aangepast.

Niet meer. De datum van 30 juni 2026 uit de oorspronkelijke overgangsregeling werd door het koninklijk besluit van 16 juni 2026 vervangen door 31 december 2026.

Voor investeringen uit 2025 en 2026 geldt: u dient de aanvraag bij VEKA in binnen twaalf maanden na het einde van het boekjaar van de investering, met 31 december 2026 als uiterste datum, maar nooit minder dan drie maanden na het einde van het boekjaar. Concreet:

  • Boekjaar = kalenderjaar 2025: uiterlijk 31 december 2026.
  • Boekjaar eindigend in de loop van 2025 (bv. 30/09/2025): twaalf maanden na het boekjaareinde. In dat voorbeeld was dat 30/09/2026, dus al voorbij.
  • Investering in 2026, boekjaar = kalenderjaar: uiterlijk 31 maart 2027.

Wat vaak vroeger valt, is de aangifte. Dien bij VEKA in vóór uw boekhouder de aangifte indient. Voor een boekjaar dat eindigde tussen 31/12/2025 en 28/02/2026 was de uiterste aangiftedatum 15 oktober 2026. Is de aangifte al ingediend zonder aanvraag bij VEKA, dien de aanvraag dan onmiddellijk alsnog in.

Na 31 december 2026 moet u, op straffe van verval, een attest of het bewijs van uw aanvraag kunnen voorleggen, tenzij uw aanvraagtermijn dan nog loopt (bv. investering in 2026, boekjaar = kalenderjaar: tot 31 maart 2027). Wij berekenen de juiste datum per dossier. Het is de datum van definitieve indiening in de VEKA-webtoepassing die telt; een opgeslagen ontwerp volstaat niet.

Telt de volledige factuur van mijn installateur mee in de VTA-berekening?

Niet noodzakelijk. We filteren standaard wat VEKA niet erkent, en u krijgt per dossier een bijlage met factuuranalyse.

VEKA aanvaardt enkel de componenten die de energielijst expliciet erkent. Wij filteren standaard volgende uit: aftrekbare btw, financierings- en interestkosten, onderhoudscontracten en verzekeringen, netaansluitingskosten buiten uw bedrijfsterrein (kabels in publiek domein, transformatoren op straat), laadpalen (die staan niet op de energielijst maar op de lijst koolstofemissievrij vervoer), cosmetische afwerking, algemene dakvernieuwing los van de PV-functie, en sloop-/afbraakkosten bij isolatie.

In elk dossier krijgt u een bijlage met factuuranalyse die per factuurlijn toont wat wel of niet werd meegeteld en waarom — zo kunt u of uw accountant de berekening in één oogopslag volgen en bij eventuele controle verdedigen.

Wij plannen zowel PV als een batterij — gaan beide door als één rendabel?

Combidossier of apart? We rekenen alle scenario's vooraf door en adviseren onafhankelijk.

In een combidossier beoordeelt VEKA de terugverdientermijn (TVT) en IRR van het volledige PV+BESS-systeem als één geheel: één gedeeld sjabloon, twee aanvragen, en een binair "beide slagen of beide vallen buiten de regeling"-oordeel.

Soms is een combidossier voor uw rendabiliteit gunstiger dan twee aparte aanvragen, soms net niet. Wij rekenen vooraf de drie scenario's door (combi, PV apart, BESS apart) en geven u een onderbouwde aanbeveling — niet "verkoop ons combi-product" maar "wat is fiscaal optimaal voor uw situatie".

De VTA-regeling kort

Wat is het, voor wie geldt het en hoe verhoudt het zich tot de oude VIAF?

Een federale belastingmaatregel (artikel 69/1 WIB 92): een percentage van uw investering wordt afgetrokken van uw belastbare winst. Voor kleine ondernemingen en zelfstandigen is dat 40 %. Voor andere ondernemingen is het 30 % voor investeringen in 2025 en 40 % voor investeringen vanaf 2026. Het belastingvoordeel is ongeveer: investering × percentage × uw belastingtarief. Energie is één van de thema's.

De verhoogde thematische aftrek zelf blijft bestaan, ook na 2026. Wat verschilt per jaar, zijn het percentage en de regels voor aanvraag en aangifte:

  • Investering in 2025: 40 % voor kleine ondernemingen en zelfstandigen, 30 % voor andere ondernemingen. Een wetsvoorstel om ook die 30 % met terugwerkende kracht op 40 % te brengen, is nog niet gestemd; reken voorlopig met 30 %. De overgangsregeling geldt: aanvraag bij VEKA uiterlijk 31 december 2026 (bij een boekjaar = kalenderjaar), aangifte zonder attest mits bewijs van de aanvraag, energiestudie mag na de investering.
  • Investering in 2026: 40 % voor alle ondernemingen. De overgangsregeling geldt ook hier: bij een boekjaar = kalenderjaar loopt de aanvraagtermijn tot 31 maart 2027.
  • Investering vanaf 2027: 40 % voor alle ondernemingen, maar zonder overgangsregeling: aanvraag binnen drie maanden na het einde van het boekjaar, en een energiestudie die dateert van vóór de eerste factuur. Of er voor 2027 nog versoepelingen komen, hangt af van het samenwerkingsakkoord of een nieuw besluit; vandaag is daar niets over beslist.

VIAF (verhoogde investeringsaftrek) is de oude roepnaam die accountants nog vaak gebruiken. Sinds 1 januari 2025 spreekt de wetgever officieel over Verhoogde Thematische Aftrek (VTA). Wij zijn viaf.be omdat onze klanten ons nog onder die zoekterm vinden; in de documenten zelf hanteren we de juridisch correcte VTA-terminologie.

"Verhoogde investeringsaftrek" is een paraplu-term. Sinds de hervorming van 1 januari 2025 omvat het belastingstelsel drie sporen van verhoogde aftrekken:

  • Basis-investeringsaftrek (10%) voor afschrijfbare activa van eenmanszaken en kleine vennootschappen — eenvoudig dossier, geen energie- of milieucriteria. Middelgrote en grote ondernemingen kunnen deze aftrek niet gebruiken.
  • Technologie-aftrek (13,5%) enkel voor octrooien en milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling — geen route voor een gewone PV- of batterij-investering.
  • Verhoogde Thematische Aftrek (VTA, 30 of 40 %) voor vier thema's: energie, transport, milieu en digitaal — vraagt een stavingsdocument (energiestudie of technische beschrijving) en in de meeste gevallen een VEKA-beoordeling.

Accountants gebruiken "VIAF" historisch vaak voor de 40%-aftrek voor energie-investeringen — wat sinds 1/1/2025 dus officieel VTA heet. Wij situeren elke investering in het juiste spoor: werkt de VTA niet, dan legt onze alternatievennota uit waarom, en verwijst ze naar de basis-aftrek waar die openstaat (eenmanszaken en kleine vennootschappen).

Natuurlijke personen met bedrijfsinkomsten, vrije beroepen, alle vennootschappen onderworpen aan de vennootschapsbelasting, en vzw's die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting. Ondernemingen "in moeilijkheden" zijn uitgesloten.

Een vennootschap die niet meer dan één van de volgende drie criteria overschrijdt: 50 personeelsleden, €11.250.000 jaaromzet, €6.000.000 balanstotaal (art. 1:24 WVV). Het onderscheid is belangrijk omdat kleine vennootschappen niet aan de toets op de interne rentevoet (IRR) van maximaal 13% moeten voldoen. De IRR-toets geldt niet voor eenmanszaken en vrije beroepen.

Een onderneming wordt onder Europees staatssteunrecht (art. 2, punt 18, AGVV — Verordening (EU) nr. 651/2014) als "in moeilijkheden" beschouwd indien bv. meer dan de helft van het geplaatste aandelenkapitaal is verdwenen door gecumuleerde verliezen, of indien er een collectieve insolventieprocedure loopt. Dergelijke ondernemingen zijn absoluut uitgesloten van de VTA. VEKA controleert dit niet bij attestafgifte; FOD Financiën doet het achteraf, met retroactieve terugvordering tot gevolg. Wij vragen u dit in onze Intake-verklaring te bevestigen — niet uit wantrouwen, maar om u en uw cliënt te beschermen tegen een verrassende controle.

Wat komt wel of niet in aanmerking?

Categorieën, leeftijdsvereisten en welke factuur-lijnen wel of niet meetellen.

Voor de meeste categorieën (Cat 1, 3, 6) geldt een leeftijdsvereiste op het bestaande gebouw of de bestaande installatie. Maar voor Categorie 7 — elektrificatie van fossiele processen heeft de wetgever bewust geen leeftijdsgrens ingebouwd. Vervangt u een industrieel productieproces op gas of stookolie door een elektrische variant (bv. een inductie-oven, elektrische weerstandsverwarming of een warmtepomp voor proceswarmte), dan komt u meteen in aanmerking, ook bij relatief jonge bestaande installaties. Een gasketel voor ruimteverwarming vervangen door een warmtepomp valt daar niet onder: dat is Categorie 6, met leeftijdsvereiste. Dit is een opportuniteit die in industriële sectoren vaak over het hoofd wordt gezien.

In een combidossier beoordeelt VEKA de terugverdientermijn (TVT) en IRR van het volledige PV+BESS-systeem als één geheel. Eén gedeeld sjabloon, twee aanvragen, en een binair "beide slagen of beide vallen buiten de regeling"-oordeel. Soms is een combidossier voor uw rendabiliteit gunstiger dan twee aparte aanvragen, soms net niet. Wij rekenen vooraf de drie scenario's door (combi, PV apart, BESS apart) en geven u een onderbouwde aanbeveling — niet "verkoop ons combi-product" maar "wat is fiscaal optimaal voor uw situatie".

Doorgaans allebei. Een attest dekt de facturen van één afgesloten boekjaar en geeft rechtstreeks recht op de aftrek. Wordt uw investering gespreid gefactureerd over twee of meer boekjaren (bv. voorschot bij bestelling, saldo bij oplevering), dan vraagt u best ook een investeringscertificaat aan; verplicht is dat niet. Dat certificaat bepaalt welke energielijst wordt toegepast voor de hele projectduur — zodat uw saldo-factuur in een later jaar niet plots uit de boot valt omdat de energielijst intussen gewijzigd is.

Belangrijk: het certificaat geeft op zichzelf geen recht op de aftrek. Het is een wettelijke verzekering bovenop de attesten. U vraagt náást het certificaat per boekjaar nog steeds een apart attest aan. Wij bundelen dit in één meerjaren-pakket (certificaat + attest jaar 1 + attest jaar 2) vanaf €2.950 (kleine vennootschap) / €3.350 (andere ondernemingen) — zie /tarieven. Twijfelt u of uw facturatie over één of meerdere boekjaren loopt? Bezorg ons uw facturatie-schema, dan zeggen wij u welk traject het juiste is.

Eén energiestudie en één ingevuld VEKA-sjabloon dekken het volledige project; u laadt ze op bij elke aanvraag.

Nee, niet via VEKA. Laadpalen voor elektrische voertuigen staan niet meer op de energielijst: ze vallen onder de "Lijst koolstofemissievrij vervoer" (groep 4, laadinfrastructuur), waarvoor de mobiliteitsdiensten bevoegd zijn. FOD Mobiliteit en Vervoer reikt sinds 1 april 2026 attesten uit voor die lijst, maar nog niet voor groep 4 laadinfrastructuur (stand oktober 2026, volgens VLAIO). Voor laadpalen is die attestprocedure dus nog niet open. Wij filteren de laadpaal-component uit het VEKA-dossier en uit onze studie, en signaleren u of uw accountant dat die apart opgevolgd moet worden.

Niet noodzakelijk. VEKA aanvaardt enkel de componenten die de energielijst expliciet erkent. Wij filteren standaard volgende uit: aftrekbare btw, financierings- en interestkosten, onderhoudscontracten en verzekeringen, netaansluitingskosten buiten uw bedrijfsterrein (kabels in publiek domein, transformatoren op straat), laadpalen (die staan niet op de energielijst maar op de lijst koolstofemissievrij vervoer), cosmetische afwerking, algemene dakvernieuwing los van de PV-functie, en sloop-/afbraakkosten bij isolatie. In elk dossier krijgt u een bijlage met factuuranalyse die per factuurlijn toont wat wel/niet werd meegeteld en waarom.

Dan zeggen we u dat vóór we starten. Waar het nuttig is, bieden we een alternatievennota aan die uitlegt waarom; die is optioneel. Voor eenmanszaken en kleine vennootschappen verwijst de nota waar mogelijk naar de basis-investeringsaftrek van 10 %. Voor middelgrote en grote ondernemingen noemen de officiële bronnen voor een PV- of batterij-investering geen andere investeringsaftrek; de nota zegt dat dan ook zo, en de verdere fiscale afweging ligt bij uw accountant. Tarief: €650.

Procedure en dossier

Wat zit er in een dossier, wat hebt u nodig, en hoe lang duurt het?

Een gedetailleerd document dat aantoont dat een investering een belangrijke energiebesparing oplevert. VEKA aanvaardt de auteur per dossier op basis van de kwaliteit van de studie — er bestaat geen officieel register van "erkende energiedeskundigen". Bij ons tekent ing. Tsarina Vandekerckhove als auteur.

(1) de getekende offerte of het verkoopsorder van de investering, (2) de installateur-factuur of -facturen, (3) een recente energiefactuur, (4) een CSV-export van uw kwartiermeterdata uit MijnFluvius (we sturen instructies), (5) uw KBO-nummer, (6) onze ondertekende Intake-verklaring. Optioneel: hardware-datasheets en context over toekomstige verbruikswijzigingen.

Vanaf intake tot een ondertekende studie: typisch 2 tot 3 weken. Het VEKA-attest zelf laat momenteel langer op zich wachten omwille van het samenwerkingsakkoord dat nog niet in werking is — zie hieronder.

VEKA neemt aanvragen al aan, maar kan pas attesten afleveren wanneer het samenwerkingsakkoord tussen de federale overheid en de gewesten in werking treedt. Dat akkoord is ondertekend, maar nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Een datum voor de eerste attesten is er nog niet.

Intussen regelt het koninklijk besluit van 16 juni 2026 de aangifte. Voor investeringen uit 2025 en 2026 mag de aangifte zonder attest gebeuren, op voorwaarde dat de onderneming twee dingen kan voorleggen: de documenten die aantonen dat de investering op de energielijst past (de energiestudie en het ingevulde VEKA-sjabloon), en het bewijs dat de aanvraag bij VEKA ingediend is. Dien de aanvraag daarom in vóór uw boekhouder de aangifte indient, en bewaar de bevestiging van VEKA.

Bij elk dossier leveren wij standaard een overbruggingsdocument mee: een technische bevestiging van onze ingenieur, gericht aan uw accountant, die de bewijsstukken samenvat. Het vervangt de aanvraag bij VEKA niet. De fiscale verwerking blijft de beslissing van uw accountant. Geen aparte kost.

Niet meer. De datum van 30 juni 2026 uit de oorspronkelijke overgangsregeling werd door het koninklijk besluit van 16 juni 2026 vervangen door 31 december 2026.

Voor investeringen uit 2025 en 2026 geldt: u dient de aanvraag bij VEKA in binnen twaalf maanden na het einde van het boekjaar van de investering, met 31 december 2026 als uiterste datum, maar nooit minder dan drie maanden na het einde van het boekjaar. Concreet:

  • Boekjaar = kalenderjaar 2025: uiterlijk 31 december 2026.
  • Boekjaar eindigend in de loop van 2025 (bv. 30/09/2025): twaalf maanden na het boekjaareinde. In dat voorbeeld was dat 30/09/2026, dus al voorbij.
  • Investering in 2026, boekjaar = kalenderjaar: uiterlijk 31 maart 2027.

Wat vaak vroeger valt, is de aangifte. Dien bij VEKA in vóór uw boekhouder de aangifte indient. Voor een boekjaar dat eindigde tussen 31/12/2025 en 28/02/2026 was de uiterste aangiftedatum 15 oktober 2026. Is de aangifte al ingediend zonder aanvraag bij VEKA, dien de aanvraag dan onmiddellijk alsnog in.

Na 31 december 2026 moet u, op straffe van verval, een attest of het bewijs van uw aanvraag kunnen voorleggen, tenzij uw aanvraagtermijn dan nog loopt (bv. investering in 2026, boekjaar = kalenderjaar: tot 31 maart 2027). Wij berekenen de juiste datum per dossier. Het is de datum van definitieve indiening in de VEKA-webtoepassing die telt; een opgeslagen ontwerp volstaat niet.

Ja, dat raden wij aan. Het koninklijk besluit van 16 juni 2026 laat de aangifte zonder attest toe, maar vraagt dan het bewijs dat de aanvraag al ingediend werd, als indienen op dat moment al mogelijk was. Bij VEKA kan dat sinds mei 2026. Dien dus eerst in, bezorg de bevestiging van VEKA aan uw boekhouder, en doe dan de aangifte. Hoe de aftrek in de aangifte verwerkt wordt, beslist uw boekhouder.

Dan schuift het saldo door. De verhoogde aftrek die u in een jaar niet kunt benutten, is onbeperkt overdraagbaar naar de volgende jaren. Een spreiding van de aftrek over meerdere jaren bestaat voor deze aftrek niet: ze hoort bij het boekjaar waarin de investering verkregen werd.

Vóór de eerste factuur. Tijdens de overgangsregeling (investeringen tot en met 2026) mag de energiestudie achteraf opgemaakt worden. Voor latere investeringen vraagt VEKA een studie die dateert van vóór de eerste factuur van de investering. Plant u een investering? Neem contact op vóór u bestelt.

Onze auteur is in elk dossier het aanspreekpunt voor VEKA. Eventuele bijkomende vragen volgen we mee op zonder bijkomende factuur — wij bouwen onze geloofwaardigheid op door dossiers degelijk te verdedigen.

VEKA aanvaardt initieel een aangevinkte erewoord-verklaring in de webtoepassing. Zij behouden echter expliciet het recht om bij twijfel het dossier op te schorten of het attest aan te vechten. Daarom nemen wij in elke geleverde studie een afzonderlijke DNSH-verantwoording op die de zes EU-milieudoelstellingen per project aftoetst — concreet met verwijzingen naar de Battery Regulation 2023/1542 (Cat 8), Recupel/PV-CYCLE (Cat 9), en de gangbare brand- en thermische beveiligingsnormen. U beschikt zo over een verdedigbaar antwoord bij een eventuele controle.

Ja — in onze standaard-werkwijze dient u (of uw accountant) het dossier zelf in via de VEKA-webtoepassing. Wij leveren u een volledig indien-klaar pakket: de energiestudie of technische beschrijving, het ingevulde VEKA-sjabloon, de bijlage met factuuranalyse en een VEKA-indieningshandleiding op maat van uw dossier, die met schermafbeeldingen stap voor stap toont welk bestand waar in het online loket hoort en welke waarden u in de portaalvelden invult. U houdt zo de regie en de finale controle over uw eigen aanvraag. Loopt u tijdens het uploaden vast, dan helpen wij u via een korte schermsessie — zonder bijkomende factuur. Voor eventuele inhoudelijke vragen van VEKA achteraf blijven wij uw aanspreekpunt.

De aanvraag verloopt via de VEKA-webtoepassing, met aanmelding via het Vlaamse overheidsplatform ACM/IDM (eID of itsme). Elke gebruiker moet eerst de nodige rechten krijgen van de lokale beheerder van de onderneming: een bestuurder die in de KBO vermeld staat. Een accountant die voor zijn cliënt indient, heeft die rechten dus ook nodig; een bestaand fiscaal mandaat geeft geen toegang tot de VEKA-webtoepassing. Regel dit vóór de eerste aanmelding. Onze indieningshandleiding legt de stappen uit: nieuwe aanvraag aanmaken, categorie kiezen, de stavingsdocumenten en het sjabloon opladen, de facturen toevoegen (individueel tot 10 stuks, daarboven via een Excel-lijst), en de DNSH-erewoordverklaring aanvinken. Heeft u een combidossier? Dan dient u twee aparte aanvragen in (Cat 8 én Cat 9) met hetzelfde gedeelde sjabloon — onze handleiding wijst u daar expliciet op.

VIAF — onze werkwijze

Prijs, aanpak, samenwerking en wat we met uw data doen.

€1.650 (kleine vennootschap, eenmanszaak of vrij beroep) of €1.950 (andere ondernemingen) voor een Cat 8 BESS-energiestudie. Combi met Cat 9 PV: +€300. Vast tarief, geen verrassingen. Volledige tabel op /tarieven.

Vandaag werken we alleen voor investeringen in het Vlaams Gewest (VEKA-jurisdictie). Wallonië en Brussel hebben eigen procedures en eigen beoordelingsinstanties — daarvoor zijn we voorlopig niet operationeel.

Enkel onder voorwaarden. Voor dezelfde vaste activa kan geen gewestelijke steun worden aangevraagd, tenzij de gewestelijke steunregeling waarborgt dat federale en gewestelijke steun samen de Europese drempel en steunintensiteit niet overschrijden (Verordening (EU) nr. 651/2014, art. 36 en art. 4, lid 1, s). Ook de verschillende investeringsaftrekken zijn onderling niet meer cumuleerbaar: per investering kiest u één aftrek. Daarnaast: VLAIO-instrumenten zelf (Ecologiepremie+, GREEN, Strategische Ecologiepremie) hebben vaak hun eigen cumul-verbod in hun toekenningsbesluit. Resultaat: u kan VTA én Ecologiepremie krijgen, en VLAIO eist later de Ecologiepremie terug. Wij vragen daarom bij intake naar uw volledig subsidieverleden — uw accountant maakt de finale cumulatie-toets op basis van de VLAIO-besluiten.

Ja. Uw kwartiermeterdata wordt enkel gebruikt voor de simulatie die de studie onderbouwt, blijft binnen Fringloos BV, en wordt niet gedeeld met derden behalve VEKA als bijlage in uw dossier (indien u dat wenst). Zie ook ons privacy-beleid.

Andere vraag? We helpen u graag.

Geen passend antwoord gevonden? Stuur ons uw vraag of de basisgegevens van uw investering — we komen binnen één werkdag bij u terug.

Stel uw vraag

Bekijk de tarieven →